In de regel geldt dat geen uitzendovereenkomst kan worden gesloten met als bedoeling om deze onmiddellijk te schorsen wegens tijdelijke werkloosheid, m.a.w. wanneer men wist dat de overeenkomst in realiteit niet kon worden uitgevoerd. 
Dat geldt in het bijzonder wanneer de overeenkomst is getekend én is aangevat na 13.03.2020 (= datum vanaf wanneer de overmachtssituatie ingevolge corona is ingegaan). 
 
Er moet dus een onderscheid worden gemaakt tussen de situaties vóór 14.03.2020 en de situaties na 13.03.2020. 
 
Situatie vóór 14.03.2020 
  •  de overeenkomst is aangevat vóór 14.03.2020 
  • of de overeenkomst is aangevat na 13.03.2020, maar getekend was vóór 14.03.2020 
  • of de overeenkomst weliswaar is getekend én aangevat na 13.03.2020, maar het een ononderbroken verlenging betreft van een overeenkomst bedoeld in de vorige twee streepjes 
 
Dan is tijdelijke werkloosheid mogelijk onder de volgende voorwaarden: 
  • de uitzendkracht wordt in dienst genomen met opeenvolgende weekcontracten; 
  • de uitzendkracht wordt samen met de vaste werknemers van zijn ploeg/dienst tijdelijk werkloos gesteld. 
 
In principe is het mogelijk om de overeenkomst volledig te schorsen. 
Er zal wel worden gecontroleerd of er na de periode van tijdelijke werkloosheid ook effectief wordt gewerkt in het kader van deze of een aansluitende arbeidsovereenkomst. Het is immers niet de bedoeling om overeenkomsten te sluiten die samen volledig worden gedekt door tijdelijke werkloosheid. 
Dat betekent niet dat de tijdelijke werkloosheid te allen tijde (retroactief) zal worden geweigerd in het concrete geval van een niet tewerkstelling na de periode van tijdelijke werkloosheid. 
De tijdelijke werkloosheid kan worden aanvaard indien er na het einde van de lopende uitzendovereenkomst en de periode van tijdelijke werkloosheid normaal gezien een nieuwe overeenkomst zou worden gesloten. 
 
Situatie na 13.03.2020 
  • de overeenkomst is getekend én aangevat na 13.03.2020
  • én het geen ononderbroken verlenging betreft van een overeenkomst die ofwel was aangevat vóór 14.03.2020, ofwel was aangevat na 13.03.2020, maar getekend vóór 14.03.2020. 
 
Het gaat hier dus om de indiensttreding van een "nieuwe" uitzendkracht.
 
Dan is tijdelijke werkloosheid mogelijk onder de volgende voorwaarden: 
  • de uitzendkracht is in dienst genomen om bedrijfsorganisatorische redenen (bv. ter vervanging van een werknemer die een onontbeerlijke schakel is om de werking van het bedrijf te verzekeren); 
  • de uitzendkracht wordt in dienst genomen met opeenvolgende weekcontracten; 
  • de uitzendkracht wordt samen met de vaste werknemers van zijn ploeg/dienst tijdelijk werkloos gesteld; 
  • er wordt in de onderneming op regelmatige basis nog minstens gedeeltelijk gewerkt (bv. stelselmatig twee dagen per week). 
 
Onder "weekcontract" wordt verstaan, een contract dat 5 dagen per week dekt. Dit zal normaal van maandag tot vrijdag zijn, maar zou bv. ook van dinsdag tot zaterdag kunnen zijn. 
Worden gelijkgesteld met een weekcontract: 
  • een contract dat minder dan 5 dagen per week dekt, op voorwaarde dat tijdens die dagen een voltijds werkrooster van een volledige week wordt gerespecteerd (bv. 4 x 9u, als 36u = voltijds); 
  • een weekendoverbruggingscontract (in de regel twee dagen). 
 
Zijn dus uitgesloten: losse contracten van minder dan 5 dagen indien er tijdens die dagen geen voltijds werkrooster van een volledige week wordt gerespecteerd, afgewisseld met dagen van volledige werkloosheid. 
Voorbeeld: 
Een uitzendkracht werkt met een overeenkomst op maandag en dinsdag en is vervolgens de rest van de week volledig werkloos. 
Wanneer de volgende week weer dagcontracten worden gesloten, zal de RVA geen tijdelijke werkloosheid aanvaarden tijdens deze dagcontracten. 
 
"opeenvolgende" (weekcontracten) 
In principe mag er tussen de twee contracten geen andere onderbreking zijn dan: 
  • een weekend, indien er een overeenkomst van 5 opeenvolgende dagen is. Een weekend is in de regel de zaterdag en de zondag, maar kan bv. ook de zondag en de maandag zijn indien de overeenkomst telkens loopt van dinsdag tot zaterdag; 
  • een weekend plus een inactiviteitsdag indien het een overeenkomst van 4 dagen betreft waarin een werkrooster van een volledige week wordt gerespecteerd; 
  • vijf dagen tussen het weekend waarin de weekendoverbruggingsploeg werkt. Dat is in de regel de periode van maandag tot vrijdag, maar kan bv. ook de zondag tot donderdag zijn indien er wordt gepresteerd op vrijdag en zaterdag. 
 
Specifieke situatie: de uitzendkracht had in de week van 9 tot 13 maart 2020 een weekcontract, maar de uitzendovereenkomst werd vanaf 16 maart 2020 niet verlengd. 
Indien in die situatie nog in de loop van de maand maart 2020 of uiterlijk in de week van 6 tot 10 april 2020 nieuwe opeenvolgende weekcontracten bij dezelfde gebruiker worden gesloten, kan de uitzendkracht in die nieuwe uitzendovereenkomsten samen met de vaste werknemers tijdelijk werkloos worden gesteld. 
Opgelet! Deze nieuwe overeenkomsten mogen niet met terugwerkende kracht opgemaakt worden. 
Het voorgaande geldt ook indien de uitzendovereenkomst gevolgd wordt door een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur of bepaalde duur bij de gebruiker (op voorwaarde dat er een effectieve tewerkstelling voorzien is in de arbeidsovereenkomst voor bepaalde duur). 
Laatst aangepast op: 13/07/2020